zaterdag 20 mei 2017

De erven

We sturen ze goed uitgerust op pad.
Met een dunne hals voor onze stroppen,
zitvlees voor op de reservebank
en een gezicht om deuren in te slaan
gaan ze van huis en sluiten achteraan,
worden opgetuigd en afgericht,
rechts ingehaald en op de tocht gezet.

Hongerig en vals gehouden met
luchtspiegelingen uit een klein heelal
waar alles weerloos is en niks van waarde
kopen ze dure jassen op de groei,
doorlopend in de veel te diepe zakken
op zoek naar wat we hebben nagelaten.

Als straks de laatste stammen zijn gerooid
kunnen ze eindelijk het erf aanpakken
dat kaalgeslagen voor hun voeten ligt.

We delen een paar schoppen uit en kijk -
ze graven ijverig hun eigen gaten
en gooien zingend onze kuilen dicht.


(Inzending voor de finale van de Meander Dichtersprijs, uiteindelijk goed voor een vierde plek.)

donderdag 18 mei 2017

Onuitgesproken marsbevelen


In afwachting van een nieuw bundeltje, dat ik ergens dit najaar hoop te fabriceren, ben ik van plan om de twee eerder verschenen bundels, 'Zwijgend naar de tering' en 'Drie kogels en een rattenstaart' samen te voegen in een iets meer decent ogende uitgave, van een heuse drukker en zo. Die 'verzamelbundel' moet in de komende weken het levenslicht zien, onder de titel 'Onuitgesproken marsbevelen'. (Slip them into different sleeves, buy both and feel deceived - ik weet het. Maar het zal beeldig staan in uw boekenkast.)

Stranded but I ain't lost yet

Gestrand op de vierde plek bij de Meander Dichtersprijs 2017. Jammer maar helaas. Toch een bossie erg fijne commentaren gehad van de juryleden. Of ik ze mag delen weet ik eigenlijk niet, maar ik doe het gewoon omdat ik het niet laten kan.

Steekt er met kop en schouders bovenuit. Werkt als een van de weinigen bewust, maar ook spaarzaam, met assonantie en ook twee keer mooi met intertekstualiteit.
De drie gedichten hebben een zelfde wrange thematiek, die ook doet denken aan de nieuwste bundel van Alexis de Roode.

*

Ritmisch sterk. Mooi, maar onnadrukkelijk rijm. Én het 'gaat' ergens over (inclusief een vleugje mysterie).

*

Er zijn dichters die je al lang lijkt te kennen als je hen voor het eerst leest. Martin Wijtgaard is een van hen. Met een eigen geluid plaatst hij zich in een traditie die manifest was in de zwarte romantiek, maar die nooit is verdwenen. Zijn mensbeeld zou je kunnen samenvatten met de bekende uitspraak: ‘De mens is de mens een wolf’. Ook formeel past hij in een traditie: de strofebouw doet klassiek aan en zijn heldere, schijnbaar eenvoudige taalgebruik doet denken aan dat van Nijhoff. Hij gebruikt poëtische middelen als alliteraties, binnenrijm en ritme op een onopvallende, maar goed doordachte manier. ‘Poëzie is om te horen, ook als je haar stil leest’, zei Piet Gerbrandy in een interview. Bij Wijtgaard is dat zeker zo.

*

Knap hoe de dichter in een stevig en goed bij het onderwerp aansluitend idioom  universele thema's verwoordt. Hij heeft een eigen stem, waarin de ironische ondertoon me bevalt.   

*

Een zeer krachtige toon loopt door de drie gedichten en wordt volgehouden. Ritme en klank stuwen de regels vooruit, de beelden zijn scherp.

*

Veel onsamenhangende poëzie dit jaar, hermetische opsomming na opsomming, er worden veel mooie regels geschreven, gestileerde poëzie volgens de regels van het nieuwe "creatieve schrijven" 
Maar ik mis in vrijwel alle gedichten een kern, een verhaal. Je kunt wel veel mooie regels maken en die achter elkaar plakken, maar wat zeg je nou eigenlijk? Als niemand je snapt weet je niks te delen.
Eigenlijk zijn er maar twee dichters die dat stramien ontspringen, die het lef hebben in gewoon toegankelijk Nederlands te schrijven, met een kop, een midden en een staart in de gedichten, en dan nog sterke poëzie afleveren. Geen aangeleerde poëzie maar geleefde poëzie. Van die 2 is Martin Wijtgaard mijns inziens de beste.
(De andere is Marjon Zomer.)

*

Weet een heldere lijn te combineren met een herleesbare inhoud. Verbindt gedachte en vorm op een muzikale en zinnige manier. 

*

Een sterk parlando dat in een krachtig ritme de lezer langs toegankelijke beelden voert. Tegelijkertijd beklemmend, mysterieus, goed gelaagd en nieuwsgierigmakend ook vanwege de duisterheid van het 'verhaal'.  Wars van quasidiepzinnigheid, geen gedreven of overdreven poëtisch taalgebruik. Gedichten die je wil herlezen en herkauwen.

dinsdag 16 mei 2017

Plaatjes uit Gent




Gelukkig hebben we de foto's nog: een plaatje van mijzelf en een groepsfoto na de presentatie van de Baudelairebundel 'Als engel, maar met roofdierogen' voor vier man en een paardenkop in het Poëziecentrum in Gent, afgelopen zaterdag. Achterste rij v.l.n.r. Koenraad Goudeseune, Anneke Wasscher, Erika De Stercke, Renato Miguel, Martin Wijtgaard, Hugo Claus, Philip Volckaert, Marc Tiefenthal, Gerard Scharn. Voorste rij: Robin Veen, Kees Godefrooij, Koos Hagen.

(Foto's via Anneke Wasscher.)

donderdag 11 mei 2017

13 mei: Baudelairepresentatie Gent


De verzamelbundel 'Als engel, maar met roofdierogen', uitgegeven naar aanleiding van het feit dat 'Les Fleurs du Mal' van Charles Baudelaire 160 jaar geleden verscheen, wordt komende zaterdag om 14.00 gepresenteerd in het Poëziecentrum in Gent. Anneke Wasscher, Koenraad Goudeseune, Gerard Scharn, Philip Volckaert, Robin Veen, Erika De Stercke, Koos Hagen, Marc Tiefenthal, Miguel Santos en ik komen onze gedichten voordragen. De presentatie is in handen van Jos van Hest en wordt georganiseerd door Stichting Spleen (en) Kees Godefrooij. Het Poëziecentrum vinden we aan de Vrijdagmarkt 36.

dinsdag 18 april 2017

2 juli: Poëzie in de Pastorie


Op 2 juli hoop ik in Holsbeek tijdens Poëzie in de Pastorie 2017 een hagepreek te houden in een Vlaamse pastorietuin. (Of moet ik zeggen een Brabantse pastorietuin? Naar ik wel eens ondervonden heb ligt dat soort kwesties gevoelig.) Je vindt me dichtbij de festivalbar met lokale bieren & wijnen, leesbril aanbevolen.

23 april: Eijlders Dichters in Het Hijgend Hert


Komende zondag stuurt café Eijlders een delegatie naar Breda om te komen voorlezen in café Het Hijgend Hert (Der Jacht Ontkomen). De middag wordt georganiseerd in samenwerking met 1m2 Podium.

Du coté de chez Eijlders treden de volgende dichters op:

Tonny Hollanders, Robin Veen, Marten Janse, Katelijne Brouwer, Kate Schlingemann, Antoinette Sisto, Muriel Kasmin, Ria Westerhuis, Hans F. Marijnissen, Martin Wijtgaard, Conrad van de Wetering, Ton Huizer, Walter Ligtvoet, Jan Wagenaar, Johannes Engel-Berti en Jolies Heij.

En vanuit 1m2 Podium:

Lamy Lame, Marijke Hooghwinkel, Lea Theunissen, Peter Lauwerijssen, Kees van Meel en Selma Oueddan.

170418


Er zijn beroerdere manieren om een eerste paasdag door te brengen dan met een dichtmiddag bij Eijlders. Ditmaal met Mieke van Zonneveld als gastdichter. (Staat haar bundel Leger al in uw boekenkast? Of beter, ligt hij op uw nachtkastje? Niet? Ga u schamen. Als u daarmee klaar bent, ga dan onmiddellijk naar de boekhandel en beter uw wegen. Zelf ga ik een nachtkastje timmeren.)

Foto door Willem Mesman.

maandag 3 april 2017

170403


Bewegende beelden van (een deel van) mijn bijdrage aan Cantina Poëtica in Alkmaar, gistermiddag. Zelden in zo'n mooie salon (ja, een porseleinkast in mijn nek en een vleugelpiano onder mijn oksel, verdomd, salon is het woord) mogen voordragen, samen met dichters Anneke Wasscher en Elbert Gonggrijp en zanger Gerared Willems. Intieme setting. Erg select publiek (ongetwijfeld was het mooie weer daar debet aan - of half poëzieminnend Alkmaar zat naar Ajax-Feijenoord te kijken, dat kan ook). Maar wel erg fijne mensen. En mooi gepresenteerd door Nina Barhorst. Altijd leuk om in Alkmaar te lezen.

Het filmpje is - als ik me niet vergis - gemaakt door Conny Lahnstein.

donderdag 9 maart 2017

12 maart: Als Engel, maar met roofdierogen


Aanstaande zondag wordt bij Scheltema (de boekhandel, niet het café - helaas) de bundel 'Als engel, maar met roofdierogen' gepresenteerd. De bundel bevat veertig gedichten van Charles Baudelaire en veertig bespiegelingen daarop van hedendaagse Nederlandse en Vlaamse dichters, zowel in het Nederlands als in het Frans. Bij Scheltema zullen Koos Hagen, Pauline Pisa, Jolies Heij, Marc Eyck, Anke Labrie, Simon Mulder, Lans Stroeve, Adriaan Krabbendam, Antoinette Sisto, Robin Veen, Frans Terken en ikzelf komen voordragen.

Zondagmiddag zal ik niet alleen mijn eigen gedicht voordragen, maar ook, samen met Jolies Heij, een deel van de Nederlandse Baudelaire-vertalingen door Peter Verstegen. De presentatie is in handen van Jos van Hest en de middag is georganiseerd door Kees Godefrooij en Stichting Spleen.

(Zie het affiche - van mijn hand, sprak hij bescheiden - voor de namen van de deelnemende dichters.)

One Mic Stand, Oostende, 10 maart


Morgenavond om zeven uur kom ik voorlezen bij One Mic Stand in Rid'o aan het Leopold-I-Plein in Oostende, met Anissa Bouijdaini, Siebrand, Martijn Nelen en, last but not least, Poëziebus fellow-traveller Younes a.k.a. Spitler. Dus mocht je nou toevallig in de buurt wezen (zo ver is het nou ook weer niet): komt dat zien!

maandag 27 februari 2017

Toeren geblazen!


Zo. De afgelopen tijd was het een beetje rustig aan het podiumfront, maar inmiddels is het balboekje weer aardig gevuld. Komende zondag trappen we af bij PepperPlus in de Gouden Bal te Eindhoven. (Dat wordt, geloof het of niet, mijn eerste optreden op Brabantse bodem. Op Nederlands-Brabantse bodem in elk geval, want in Leuven was ik al een keer.) De voorlopige agenda:

2017-03-05, 15.00, Eindhoven: De Gouden Bal, PepperPlus
2017-03-10, 20.00, Oostende (B): Rid'O, One Mic Stand
2017-03-12, 14.00, Amsterdam: Boekhandel Scheltema, Presentatie Baudelairebundel
2017-03-19, 16.00, Amsterdam: Eijlders, Dichtmiddag
2017-04-02, 14.00, Alkmaar: Cantina Architectura, Cantina Poëtica
2017-05-13, 14.00, Gent (B): Poëziecentrum, Presentatie Baudelairebundel
2017-07-02, 14.00, Holsbeek (B), Pastorietuin: Poëzie in de Pastorie

Je t'adore à l'égal de la voûte nocturne


Ter gelegenheid van het 150e sterfjaar van Charles Baudelaire brengt Stichting Spleen dezer dagen de bundel 'Als engel, maar met roofdierogen (Je t'adore à l'égal de la voûte nocturne)' uit, waarin 40 Vlaamse en Nederlandse dichters een eerbetoon brengen aan Baudelaire en zijn werk.

Elke dichter heeft een gedicht uit 'Les Fleurs du Mal' gekregen, in het Frans en in de Nederlandse vertaling van Peter Verstegen, met de opdracht om daarop een eigen gedicht te baseren, dat op zijn beurt weer in het Frans wordt vertaald. (Volgt u 'm nog? Gewoon doorlezen.)

Zelf kreeg ik 'Une Charogne' - op de een of andere manier schijn ik macabere thema's aan te trekken - en schreef als bespiegeling daarop het gedicht 'Aaseters', naar het Frans vertaald als 'Charognards' door mijzelf en (mijn innig beminde) Sandrine Mary, die tevens de Franse tekstredactie van de bundel en een deel van de andere vertalingen op zich heeft genomen.

En hoe ziet zuks d'r nou uit Martin, met die krengen en die aaseters en zo? Wel, u wilde een plastische beschrijving en u kreeg er een. Blij nu?

Hierbij het oorspronkelijke gedicht van Baudelaire:

Une Charogne

Rappelez-vous l’objet que nous vîmes, mon âme,
Ce beau matin d’été si doux:
Au détour d’un sentier une charogne infâme
Sur un lit semé de cailloux,

Les jambes en l’air, comme une femme lubrique,
Brûlante et suant les poisons,
Ouvrait d’une façon nonchalante et cynique
Son ventre plein d’exhalaisons.

Le soleil rayonnait sur cette pourriture,
Comme afin de la cuire à point,
Et de rendre au centuple à la grande Nature
Tout ce qu’ensemble elle avait joint;

Et le ciel regardait la carcasse superbe
Comme une fleur s’épanouir.
La puanteur était si forte, que sur l’herbe
Vous crûtes vous évanouir.

Les mouches bourdonnaient sur ce ventre putride,
D’où sortaient de noirs bataillons
De larves, qui coulaient comme un épais liquide
Le long de ces vivants haillons.

Tout cela descendait, montait comme une vague,
Ou s’élançait en pétillant;
On eût dit que le corps, enflé d’un souffle vague,
Vivait en se multipliant.

Et ce monde rendait une étrange musique,
Comme l’eau courante et le vent,
Ou le grain qu’un vanneur d’un mouvement rythmique
Agite et tourne dans son van.

Les formes s’effaçaient et n’étaient plus qu’un rêve,
Une ébauche lente à venir,
Sur la toile oubliée, et que l’artiste achève
Seulement par le souvenir.

Derrière les rochers une chienne inquiète
Nous regardait d’un œil fâché,
Épiant le moment de reprendre au squelette
Le morceau qu’elle avait lâché.

— Et pourtant vous serez semblable à cette ordure,
À cette horrible infection,
Étoile de mes yeux, soleil de ma nature,
Vous, mon ange et ma passion!

Oui! telle vous serez, ô la reine des grâces,
Après les derniers sacrements,
Quand vous irez, sous l’herbe et les floraisons grasses,
Moisir parmi les ossements.

Alors, ô ma beauté! dites à la vermine
Qui vous mangera de baisers,
Que j’ai gardé la forme et l’essence divine
De mes amours décomposés!


De Nederlandse vertaling is al even gezellig:

Een kadaver

Weet jij, mijn ziel, op deze zoele zomerdag
Nog wat wij in de ochtend vonden:
Bij ‘t omslaan van een bocht, op een stuk keigrond, lag
Een smerig kreng, al half ontbonden.

De benen in de lucht, als van een vrouw die brandt
Van wellust, van lijkvocht vergeven,
Toonde het ons wijdopen, cynisch nonchalant,
Zijn buik waar wolken stank uit dreven.

De zon scheen met zijn hitte op het rottend beest,
Of hij ‘t als stoofvlees wou bereiden;
Zo gaf hij de natuur terug, ten offerfeest,
Waaraan zij eerst haar krachten wijdde.

De hemel staarde neer op dat subliem karkas
Als op een bloem die zich juist opent.
De stank was zo intens dat jij daar in ‘t gras
Haast met een flauwte moest bekopen.

Veel vliegen rond de buik die van verrotting droop,
En waaruit zwarte drommen bleven
Stromen van larven, een dikvloeibare siroop
Langs lappen aas dat leek te leven.

Dit alles steeg en daalde als een golf van vlees
Of gleed soms wemelend naar voren;
Dan leek het of het lijk van wind vervuld verrees,
Of er veelvuldig werd geboren.

En uit die wereld klonk een vreemde soort muziek,
Als stromend water, wind of regen,
Of als wanneer de wanners, soepel van ritmiek,
Het koren in hun wan bewegen.

De vormen werden vaag, nog maar een droom, of ooit
Iets wat niet uit de verf wou komen
Toch door de kunstenaar wellicht nog wordt voltooid
Als zijn herinnering gaat stromen.

Een teef achter een rots, die heel gespannen was,
Keek toe met ogen die ons haatten,
Gespitst op het moment dat zij van het karkas
Kon scheuren wat ze los moest laten.

- En toch ben jij niet anders dan dat creatuur,
Van gruwelijk bederf vergeven,
Jij, sterre van mijn ogen, zon van mijn natuur,
Mijn engel, passie van mijn leven!

Ja! Ook jij zult zo zijn, na ‘t laatste sacrament,
Jij die de kroon draagt van het schone,
Wanneer je tussen bloeiend gras en botten bent
Geborgen waar de wormen wonen.

Zeg dan, mijn schoonheid, tot die wormen in de aard,
Die jou met kusmondjes verslinden,
Dat ik de vorm en ‘t goddelijk wezen heb bewaard
Wanneer mijn liefste gaat ontbinden!

(Vertaling Peter Verstegen)


Mijn bespiegeling op dat gedicht:

Aaseters

Wanneer je langs de weg stuit op een overschot
dat, gistend in de middaghitte,
door vale kraaien kaalgepikt tot op het bot,
vol ongedierte blijkt te zitten,

word je allicht door sentimenten meegesleurd
van afkeer en van medeleven,
omdat je zelf ooit sterven moet en op jouw beurt
aan dat gespuis bent prijsgegeven.

Wat moet zo'n kreng beginnen met je rouwbeklag?
Het is allang aan gene zijde
waar het, wanneer je de experts geloven mag,
geen baat heeft van ons medelijden.

Bedenk, als je ontzet naar het kadaver staart
dat door de maden wordt verslonden:
we zijn zolang we leven (en naar onze aard)
meer met die aaseters verbonden.

Zet je over je walging heen en onderdruk
je eigenwaan en dure woorden,
kijk naar de hond die, vechtend om het grootste stuk,
zijn soortgenoten zou vermoorden.

Dit zijn onze verwanten, ze zijn net als jij,
de larven en de vette vliegen,
de lijkenpikkers, wroetend in de laffe brij -
want hoe we ook onszelf bedriegen,

ze zijn ons evenbeeld en onze disgenoot,
smerig, obsceen en volgevreten,
feestend op een karkas dat, uitgewoond en dood,
van ons geen donder meer wil weten.


En de Franse vertaling:

Charognards

Si au bord du chemin tu trébuches sur un corps
se putrifiant en plein soleil
rongé par les vers blafards qui le dévorent,
piqué à l’os par les corneilles,

peut-être seras-tu saisi d'un mouvement
de répulsion et d’empathie,
car toi aussi, tu dois mourir et forcément
seras sacrifié ainsi.

Ce corps ne jouira point de tes lamentations,
il est au-delà de la mort,
et à en croire les connaisseurs, la compassion
ne changerait rien à son sort.

Songe donc, au lieu de t’apitoyer sur l'ordure
ravagée par les oiseaux noirs :
nous sommes, à force de vivre (et par nature)
d’abord liés aux charognards.

Surmonte ta répugnance et cherche à juguler
ta suffisance et tes grands mots,
vois le chien qui n’hésiterait pas à tuer
pour obtenir le plus gros lot.

Ils sont tels que nous sommes, semblables à notre race,
les grasses larves et les mouches bleues,
ces nécrophages sordides grouillant dans la carcasse,
car même si on les trouve hideux :

ils sont à notre image, ils sont nos affiliés,
sales et obscènes, crasseux ou soûls,
festoyant sur un corps qui, mort et dégradé,
ne veut plus rien savoir de nous.

(Vertaling Martin Wijtgaard/Sandrine Mary)

donderdag 15 december 2016

4/12

Spertijd in Café Impérial,
de kelner sluit de deur, de laatste gasten
zetten hun kraag op in de oostenwind
die door half opgegeten döners raast.

Zondag is bijltjesdag, de stad heeft haast,
we nemen vast een aanloop voor de val:
de gloed van smeulende bibliotheken
werpt in de maanloze, ongure nacht

een vertrouwde schaduw op het Heldenplein,
waar honderdvijftigduizend armen wachten
op een Sobieski in een maatkostuum,
een zijden das voor Zwarte Moestafa.

Pak je koffer voor de razzia,
verbrand je paspoort en vervals je bloed,
noteer alles wat je vergeten moet,
negeer de ongemakkelijke vragen.

Mijd de open ramen en verdwijn
over steriele, schoongeveegde straten
de warmte van de ondergrondse in
om voor het ooit weer licht wordt thuis te zijn.

Foto's Spleen in Perdu, 27 november jl.


Johan Wambacq


Robin Veen


Martin Wijtgaard


J.C. Aachenende


Gerda Posthumus


Menno Wigman


Paul Lokkerbol (Presentatie)

De foto's zijn van Jan ter Heide, meer plaatjes vinden we in zijn online album.